Vergoeding ERE-certificaten bij thuisladen elektrische auto van de zaak onbelast

Werkgevers die medewerkers een (deels) elektrische auto van de zaak ter beschikking stellen, krijgen te maken met een nieuwe ontwikkeling. De Belastingdienst heeft een kennisgroepstandpunt gepubliceerd over de fiscale behandeling van vergoedingen voor ERE-certificaten bij thuisladen. De belangrijkste conclusie: deze vergoeding vormt geen loon voor de werknemer. Tegelijkertijd bevat het standpunt een opvallende passage over de vergoeding van thuislaadkosten. Daardoor kunnen nieuwe vragen ontstaan voor werkgevers die de werkelijke stroomkosten vergoeden.

Wat zijn ERE-certificaten?

Vanaf 2026 kunnen particuliere eigenaren van een elektrische auto onder voorwaarden een vergoeding ontvangen voor de gerealiseerde CO₂-reductie. Dit gebeurt via zogenoemde ERE-certificaten (Emissiereductie-eenheden). De vergoeding hangt samen met het aantal geladen kWh en de marktwaarde van de certificaten. Ook werknemers die een elektrische auto van de zaak thuis opladen, kunnen hiervoor in aanmerking komen.

Geen loon voor de werknemer

De kennisgroep van de Belastingdienst concludeert dat de vergoeding voor ERE-certificaten geen loon vormt. Evenmin is volgens de kennisgroep sprake van loon van derden. De vergoeding hangt onvoldoende samen met de dienstbetrekking en vormt daarom geen beloning voor werkzaamheden die de werknemer heeft verricht. Hierdoor blijft de vergoeding buiten de loonheffingen. Een welkome en wat ons betreft correcte conclusie.

Vergoeding van werkelijke laadkosten
Naast de fiscale behandeling van ERE-certificaten gaat de kennisgroep in op de vergoeding van thuislaadkosten door de werkgever. De Belastingdienst bevestigt dat een vergoeding van de werkelijke laadkosten van een auto van de zaak kwalificeert als een vergoeding van intermediaire kosten. Deze vergoeding behoort daardoor niet tot het loon van de werknemer.

Opvallend is echter dat de kennisgroep daarbij opmerkt dat een vergoeding voor ERE-certificaten de integrale kostprijs per kWh verlaagt. Daarmee wordt een relatie gelegd tussen de ontvangen ERE-vergoeding en de vaststelling van de werkelijke laadkosten.

Zakelijke en marktconforme voorwaarden
Volgens de kennisgroep kan de vergoeding voor ERE-certificaten buiten beschouwing blijven wanneer werkgever en werknemer afspraken maken over de doorlevering van energie onder zakelijke en marktconforme voorwaarden. Daarbij is bepalend welke prijs op de energiemarkt geldt op het moment waarop partijen hun afspraken maken.

Het standpunt geeft echter weinig handvatten voor de praktische invulling hiervan. Daardoor blijft onduidelijk wanneer precies sprake is van een zakelijke en marktconforme doorlevering van energie.

Tot slot

De uitkomst van het kennisgroepstandpunt is positief: de vergoeding voor ERE-certificaten blijft buiten de loonheffingen. Tegelijkertijd lijkt de kennisgroep een addertje onder het gras te introduceren bij vergoedingen van de werkelijke laadkosten. Door op te merken dat de ERE-vergoeding de integrale kostprijs per kWh verlaagt, rijst de vraag wat in die situatie nog precies onder de werkelijke laadkosten moet worden verstaan. Werkgevers die uitgaan van vergoeding van de werkelijke kWh-kosten doen er daarom verstandig aan hun afspraken rondom thuisladen en energievergoedingen nog eens tegen het licht te houden.

Indien u na het lezen van het bovenstaande vragen heeft, neemt u dan gerust contact op met uw Govers contactpersoon of de focusgroep Loonheffingen via loonheffingen@govers.nl of telefonisch via 040 2504 504.

Deel dit bericht

Tips, advies en nieuws van de beste uit het vak

Vrijblijvend advies

Secret Link

Tips, advies en nieuws van de beste uit het vak